| |
|
|
Menigmaal hebben we ons in de leiding afgevraagd hoe we
het leerproces bij het zeilen kunnen versnellen. Onze ervaring
is dat kinderen in lichte boten sneller leren zeilen omdat
ze directer reageren op (foute) handelingen. In tegenstelling
hiermee zijn de oerdegelijke en zware stalen lelievletten
in onze vloot wel heel erg lomp en traag. De vlet is erg
geschikt om de basisbeginselen te leren aan de niet-zeilers,
want er kan niet gauw wat mis gaan. Onze observaties hebben
we voorgelegd aan andere zeilinstructeurs op www.waterscouting.com
en eigenlijk is iedereen wel deze mening toegedaan. Steeds
vaker zien we dat Scoutingroepen voor dat doel gebruik maken
van kleine tweemansbootjes.
|
Een
tweede aspect is de nautische uitdaging van ons thuiswater,
de Foppenplas. Als je er een paar jaar gevaren hebt, ken
je elk grassprietje en voor het nautische inzicht is deze
leeromgeving erg beperkt. Uiteindelijk wordt het voor de
gevorderde zeilers wel een beetje saai en juist die kinderen
willen we wel graag houden (als toekomstige leiding).
Om
ergens anders te gaan zeilen met de lelievletten een hele
grote logistieke operatie nodig. Met onze sleper en de vletten
erachter ben je een dag aan het varen om het dichtstbijzijnde
interessante vaargebieden, zoals de Brielse Maas of de Kagerplassen
te komen. Dat is te doen voor een kamp, maar niet voor een
zaterdag
Kortom
eigenlijk zouden we de vloot aan moeten passen omdat we
met de lelievletten niet kunnen bereiken wat ons voor ogen
staat. In eerste instantie dachten we eraan een paar lichte
tweemansbootjes op de kop te tikken, totdat we ons realiseerden
dat dit geen oplossing is voor de oudste categorie meer
ervaren zeilers, die na jaren in de lelievlet ook wel aan
een nieuwe uitdaging toe zijn.
|
|
Na
veel speurwerk, informeren en technische afwegingen bleek
dat een flying arrow spanker het meest aansluitt bij de wensen.
Lekker licht, meermans en een vlotte zeiler met een ophaalbaar
zwaard. Voor instructie een goede boot en lekker vlot zeilen
voor de gevorden,een prima zeilboot. Het minpunt is toch wel
de kwetsbaarheid, polyester is geen staal. Dat is en blijft
een punt van zorg.
Met een trailer erbij kun je deze polyester zeilboten makkelijk
achter een personenauto vervoeren en in en uit het water halen
en dan ben je bijvoorbeeld zo op de Brielse Maas, dat voor
de kinderen ook goed op de fiets bereikbaar is.
De Spanker
is rond 1960 ontworpen door jachtbouwer E.G. v.d. Stadt
in opdracht van het toenmalige KVvNWV. Het ontwerp moest
voldoen aan een aantal kenmerken: eenvoudig, geschikt voor
zelfbouw, licht en goede zeileigenschappen. Het uiteindelijke
ontwerp blijkt een schot in de roos: de eerste echt complete
zwaardboot ziet het licht. Spinaker, trapeze, makkelijk
trailerbaar en bovendien formidabel snel. Ondanks de eigenschappen
van een echte racer, is de boot ook goed te gebruiken als
toerboot. Uitgerust als toerboot is het mogelijk met 4 personen
hierin te overnachten. Aanvankelijk was het alleen houtbouw
totdat er een fabrikant polyster boten ging bouwen die onder
de merknaam flying arrow op de markt kwamen. Onder dat merk
werden ook andere boten gebouwd, zoals de schakel en flying
arow.
|
Spanker
schouw
Lengte
over alles: 5.75 m
Grootste breedte: 1.89 m
Diepgang: 1.10 m
Oppervlakte grootzeil: ca 9.7 m2
Oppervlak genua: ca 6.2 m2
Oppervlak spinnaker: ca 15.0 m2
Oppervlak fok: ca 4.2 m2
Bouwwijze: hout of polyester
Bemanning; 2-5 personen
Ontwerper: E.G. van de Stadt
Erkende klasse: sinds 1961 (alleen houtbouw)
Nationale Autoriteit: KNWV
Klasseorganisatie: Spanker Klasse (alleen houtbouw) |
 |
| Voor
de zomervakantie ben ik aan het speuren geslagen naar een
gebruikte spankers met een trailer en ik vond er eentje voor
een redelijke prijs, met wat opknapwerk. Die heb ik privé
gekocht omdat ik de Scoutinggroep voor dit experiment geen
financieel risico wil aandoen. Na de zomervakantie is die
spanker zeilklaar gemaakt en zijn de gevorderde waterscouts
ermee aan het zeilen geslagen. Ze vinden het allemaal een
geweldige boot, ook de leiding.
Iedereen
vaart dus graag met de spanker en dat is natuurlijk van
groot belang om er een succes van te maken.
Zo
tegen het einde van het seizoen zag ik op marktplaats nog
wat spankers staan, die zijn natuurlijk nu op het einde
van het vaarseizoen niet zo goed meer verkopen. Ik zoek
wel een speciaal spanker type, eentje met een strijkbare
mast omdat we altijd van onze ligplaats onder de fietsbrug
door moeten. Na een eigenaar gebeld te hebben en flink over
de prijs onderhandeld te hebben heb ik nog een Spanker in
Brabant gekocht.
|
|
| In
de week dat ik die op het groephuis had gezet volgde nog een
mailtje van een andere mijnheer, die ik 4 weken eerder al
om informatie had gevraagd, dat ik zijn spanker voor 100 euro
op mocht komen halen. Helaas zat er geen trailer bij. Een
groot dilemma, twee boten is dat niet teveel en is het wel
wat? |
|
Ik
heb mezelf maar wijs gemaakt dat het een goede investering
is, want er zaten betere zeilen bij dan bij de andere. En
nieuwe zeilen kosten toch ruim 800 euro. In ieder geval
hebben we nu voldoende boten, waar nog wel het een en ander
aan moet gebeuren van de winter. Met de spanker van mezelf
zijn er nu drie boten en er is nu voldoende scheepsruimte
om de Orca’s meer zeiltijd te geven en de Explorers
een nieuwe uitdaging.
Voor
volgend zeilseizoen (2008) staan er dus voor de kinderen
veel meer zeilavonturen op het programma en kunnen we ook
lekker tegen elkaar racen, in de trapese en met een spinaker
oefenen.
R.Scheurkogel
30 november 2007
|
|
|
|
|